Filters
-
Thema
-
Productvorm
-
Taal
-
Prijs
Resultaten voor 'hein van der hoeven'
-
2024-4 Elders Literair
Bijzonder themanummer, dat volledig in het teken staat van de diplomaat-schrijver – of misschien beter: de schrijvende of literaire diplomaat, want bij de meesten onder hen lijkt de diplomatie ondergeschikt aan het literaire oeuvre. In zijn ‘Vooraf’ bij het nummer vraagt literatuurwetenschapper Jaap Goedegebuure zich af of de schrijvende gezant wel een eigen plek heeft in ons literaire landschap: ‘Bestaat hij, de diplomaat-schrijver? Beantwoordt hij aan een literair type, zoals er wel meer zijn – de gedoemde dichter bijvoorbeeld, de reisjournalist, de zondagsrijmelaar?’ Er is in elk geval wel íets wat deze literaire expats met elkaar verbindt: hun ‘elders zijn’ (geweest), in tijdelijke en vrijwillige verbanning, in combinatie met hun schrijftalent, dat al dan niet door hen wordt ingezet om hun belevenissen in den vreemde vorm te geven. In Elders 4, dat onder gastredacteurschap van Hein van der Hoeven en Kees Ruys verschijnt, richten we de schijnwerpers op twaalf Nederlandstalige schrijvers die hun land als ambtenaar in rijksdienst over de grens hebben vertegenwoordigd, zowel in essays als in verhalend proza en poëzie. Hun werk voert ons langs de meest uiteenlopende decors, van Taipei op Taiwan tot de warmwaterbronnen van het Japanse Odawara, en van naoorlogs Warschau tot de kust bij Havana in achttiende-eeuws Cuba. Maar ook Nederlands-Indië, Brugge, Amsterdam en Praag komen aan bod. De essays komen alle van biografen: Graa Boomsma schrijft over A. Alberts, Michiel van Kempen over Albert Helman, Liesbeth Dolk over F. Springer en Jan Paul Hinrichs over F.C. Terborgh. Naast gedichten van Caroline Wiedenhof en debutant Hanjo de Kuiper brengt Elders 4 verhalen van de (ex-)diplomaten Pauline Genee, Hein van der Hoeven, Richard Osinga, Herman Portocarero en Timon Bo Salomonson, en een inleiding van Marco Huysmans tot een filosofisch Japans reisverhaal van de sinoloog en diplomaat Robert van Gulik, die zich vanaf de jaren vijftig internationale roem verwierf met zijn detectiveverhalen over de Chinese magistraat Rechter Tie. Ten slotte introduceert Diederik Gerlach kunstenaar Karin Timbergen, die speciaal voor dit nummer vijf diplomaat-schrijvers portretteerde.
€ 15,00 -
Het leven is snel genoeg
Twee novellen langs schilderijen van Diederik GerlachOp voorstel van kunstenaar Diederik Gerlach schreef auteur Hein van der Hoeven een verhaal dat meandert langs Gerlachs serie van zes schilderijen ‘Mach mal Pause’. Het werd ‘De Hofmeister-knik’, dat zich afspeelt in de zomer van 1962. Vader en zoon Mulder rijden vanuit Den Haag naar Graz waar zoon Hans een stage gaat volgen in de Puchfabriek. Net als de schilderijen roept het verhaal met subtiel aangezette details een tijdsbeeld op van zestig jaar geleden, een herschepping die verder gaat dan nostalgie. Eenzelfde werkwijze ligt ten grondslag aan het titelverhaal, ‘Het leven is snel genoeg’, dat een complement vindt in opnieuw een serie van zes schilderijen van Diederik Gerlach, ‘Eile mit Weile’. Tegen de achtergrond van het Duitse Wirtschaftswunder en de Koude Oorlog zoeken Frans en Adèle, allebei Nederlanders met Duitse wortels, naar liefde en geluk. Diederik Gerlach: «Zijn illustraties bij een bestaande literaire tekst niet per definitie overbodig, een sta-in-de-weg voor de fantasie van de lezer, en hoe is het omgekeerd? Vermoedelijk zijn beeld en tekst alleen in het stripverhaal gelijkwaardig en onlosmakelijk met elkaar verbonden, hoewel de tekeningen van Hergé zonder tekst nog altijd prachtig zijn. In dit geval is de tekst dienaar van de tekening. De novellen ‘De Hofmeister-knik’ en ‘Het leven is snel genoeg’ zijn in die zin ook dienstbaar aan de schilderijen, die al bestonden en als wegwijzers voor de schrijver hebben gefunctioneerd. Hein van der Hoeven is er in geslaagd om de sfeer en kleur van deze twaalf kleine werken in woorden te vangen, in twee verhalen die de verloren tijd van onze jeugdjaren met scherpte en diepte doen herleven.» Van Hein van der Hoeven (Haarlem, 1951) werden sinds 2012 met regelmaat korte en zeer korte verhalen gepubliceerd in literair tijdschrift Extaze. In 2018 verscheen bij uitgeverij In de Knipscheer de roman ‘Jongen met rood vest’. Hein van der Hoeven maakt deel uit van het schrijverscollectief Wild Mind, is voorzitter van het F. Springer Genootschap en redacteur van Elders literair. Ook werkt hij als vrijwilliger bij boekhandel Colette &. Co., in zijn woonplaats Den Haag. In de tekeningen en schilderijen van Diederik Gerlach (Scheveningen, 1956) staat de herinnering centraal. In allerlei vorm worden indrukken en ervaringen uit de vroege jeugd gereconstrueerd en vermengd met fictieve werkelijkheden, gebruik makend van eigen verzamelingen van foto’s, reisfolders tot illustraties uit vergeten tijdschriften en boeken. De laatste jaren schrijft hij korte verhalen en beschouwingen. Diederik Gerlach woont en werkt in Den Haag en Berlijn.
€ 22,00 -
Elders Literair 2022-0
€ 15,00 -
Jongen met rood vest
Jongen met rood vest speelt zich af rond 2005. Bob en Heleen Prager zijn een Haarlems echtpaar van in de zestig. Zij krijgen bezoek van de advocaat Marc Bronstein, die vermoedt dat het meesterwerk Jongen met rood vest van Frans Hals, in 1946 door het Rijksmuseum verworven, roofkunst is. Het doek zou in de oorlog onttrokken zijn aan het bezit van een oom en tante van Bob. De advocaat stelt het echtpaar voor om het schilderij via een procedure terug te vorderen. Bob wil hieraan meewerken, Heleen ziet er niets in. Het onderzoek van de advocaat leidt naar Bentveld. Dat dorp heeft voor Heleen een bittere klank. Daar woonde namelijk de motorrijder die kort na de oorlog haar zusje Sonja doodreed. Met het voorstel van de advocaat keert het joodse element terug in het leven van Bob. Ogenschijnlijk had hij zich losgemaakt van zijn joodse wortels. 'Noem mij geen jood, zelfs niet in je gedachten,' droeg hij Heleen op toen hij met haar trouwde. De meeste personen uit het verhaal komen voort uit de fantasie van de schrijver. Het schilderij van Frans Hals dat het onderwerp is van de roman, bestaat in werkelijkheid niet. Toch zal de lezer elementen aantreffen die hem, de geschiedenis van de kunst in Nederland kennende, niet onbekend zullen voorkomen. Hein van der Hoeven (Haarlem, 1951; woonachtig in Den Haag) werkte van 1981-2014 op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Zijn standplaatsen waren Leidschendam, Den Haag, Madrid en Hanoi. Vanaf 2012 verschenen diverse korte verhalen van zijn hand in literair tijdschrift 'Extaze'. Met André Carstens, Aaltje de Roos en Felix Monter legde hij in 2013 vijfentwintig jaar BZ-cabaret vast in het boek 'Apekool'. Hij is lid van het Haagse schrijverscollectief Wild Mind en voorzitter van het Springergenootschap.
€ 18,50