Results for 'wiel kusters'

17 results
  1. Koempels
    1. Wiel Kusters

    Koempels

    Ooggetuigen van de Limburgse mijnen

    Het Limburgse woord voor mijnwerker, koelman, betekent letterlijk ‘kuilman’. Veel koelluu, ‘kuilmensen’ dus, werkten op een diepte van meer dan zevenhonderd meter onder zware omstandigheden, bij tropische temperaturen, in lage gangen en onder het voortdurende geraas van machines. De stofontwikkeling bleek funest voor hun longen en het gevaar van instortingen en explosies was groot. Het is dus geen wonder dat deze benedenwereld in de herinnering sterk verbonden is met beelden van afdalen, neergang en het dagelijks verlangen naar herrijzenis. Glu¨ck auf! Er is ook een ander Limburgs woord dat bij de mijnen past, een woord waarin verbondenheid, loyaliteit en genegenheid besloten liggen: koempels. Het betekent ‘kompanen’, kameraden met wie in wederzijdse afhankelijkheid een zware broodwinning werd gedeeld. Sinds de sluiting van de Limburgse mijnen is een stroom van publicaties op gang gekomen waarin de geschiedenis van de Nederlandse ‘carboonkolonisatie’ uit de doeken werd gedaan. Maar zelden kwamen daarin de koempels zelf aan het woord. In Koempels wordt niet óver mijnwerkers verteld, maar dóór hen. Omdat het mijnbedrijf sterk hiërarchisch georganiseerd was, heeft Wiel Kusters in dit ooggetuigenboek niet alleen een stem gegeven aan de meest voor de hand liggende arbeidskrachten uit de verzonken wereld van de mijnen, zoals slepers, leerling-houwers, houwers, ploegbazen en opzichters. Ook mijningenieurs, leden van een reddingsbrigade, journalisten, artsen, politici en vakbondsmensen plaatst hij op het podium van een onvergetelijke sociale geschiedenis.

    € 26,99
  2. Begrijp me niet te vroeg
    1. Wiel Kusters

    Begrijp me niet te vroeg

    We denken in taal, converseren in taal, leggen gebeurtenissen vast in taal; maar ook beïnvloedt taal hoe we ons voelen, hoe we ons tot elkaar verhouden, hoe we onze binnen- en buitenwereld begrijpen. In Begrijp me niet te vroeg creëert Wiel Kusters vanuit bestaande taal een nieuwe taal: met zijn dichtkunst wakkert hij wonderlijke gevoelens aan, zet hij de lezer op nieuwe gedachtesporen, plaatst hij bekende zaken in een nét iets ander daglicht. Zo balanceert hij tussen het vertrouwde en het verrassende en bewijst hij dat poëzie emoties kan oproepen waarvan we niet wisten dat ze bestonden.

    € 22,99
  3. Als een bezetene, maar dan veel lieflijker
    1. Pierre Kemp
    2. Adriaan de Roover

    Als een bezetene, maar dan veel lieflijker
    Second-hand

    brieven 1956-1962
    € 9,50
  4. Morgen wordt het voor iedereen maandag
    1. Wiel Kusters

    Morgen wordt het voor iedereen maandag

    De oorlog van Gerrit Kouwenaar

    In mei 1940 is de dichter Gerrit Kouwenaar (1923-2014) zestien jaar en schrijft hij zijn eerste gedichten. Zes jaar later en een wereldoorlog verder is hij, zonder dat nog te beseffen, op weg om een van de meest invloedrijke Vijftigers te worden. De Tweede Wereldoorlog, die grote ontvormer van mens en moraal, heeft hem gemaakt tot de dichter die later liever ‘men’ dan ‘ik’ schreef en die, tot zijn dood in 2014, is uitgegroeid tot een van de grootste Nederlandse dichters van de twintigste eeuw. In zijn dankwoord bij de uitreiking van de Prijs der Nederlandse Letteren in 1989 in Brussel sprak hij over de jaren 1940-1945 als een ‘leerschool die mij heeft bijgebracht dat woorden lege hulzen zijn als ze niet gevuld worden met je eigen leven en lichaam, je eigen sterfelijkheid.’ Morgen is het voor iedereen maandag belicht op uiterst boeiende wijze de periode van de bezetting en de eerste jaren na de oorlog, wanneer de dichter als kunstredacteur in dienst is van het communistische dagblad De Waarheid. Het verhaal is doorspekt met tal van niet eerder gepubliceerde gedichten, verhaal- en brieffragmenten.

    € 39,99
  5. Alfabels
    1. Wiel Kusters

    Alfabels

    ‘Van ’t allerdiepste wel de hoogste tree’ en ‘Ik kan, weet je, verduiveld goed niet zingen, / niet tekenen ook’. Ziehier een paar regels uit Alfabels, de bundel waarmee de Zuid-Nederlandse dichter Wiel Kusters zijn vijfenzeventigste verjaardag viert. Tot het schrijven van de in Alfabels bijeengebrachte gedichten heeft de dichter zich laten verleiden door het zeventig jaar oude populaire abc-boekje van Rie Cramer, dat begint met ‘A is een aapje, dat eet uit zijn poot’. Cramers versjes dienen in Alfabels dan als motto bij Kusters’ zesentwintig gedichten. Gedichten die men als uitingen kan zien van een dichterlijk verlangen naar de wereldwording van letters en woorden. Diepte en hoogte, lichtheid en zwaarte vloeien in deze poëzie op onnavolgbare wijze samen. En welk een geluksgevoel bezorgen lezer de geestige en vindingrijke tekeningen van Joep Bertrams. Al in de jaren tachtig en vroege jaren 1990 werkten Bertrams en Kusters op vruchtbare wijze samen, destijds in een drietal gedichtenbundels voor kinderen: Salamanders vangen, Het veterdiploma en Een beroemde drummer. Meer dan 25 jaar later tonen zij in congeniale samenwerking opnieuw hun meesterschap in woord en beeld. Wiel Kusters (1947) debuteerde in 1978 met Een oor aan de grond. Zijn verzamelde gedichten, bijeengebracht onder de titel Leesjongen (2017), en de kleine kwatrijnenbundel In opdracht (2019) werden in 2020 gevolgd door de grote bundel Zonder palet. In Poëziekrant schreef Mathijs Sanders: ‘Kusters is een van onze meest muzikale dichters.’ Joep Bertrams (1946) maakte zijn eerste prentenboek met Karel Eykman De allerallersterkste 1977. De jaren erna werkte hij met onder anderen Willem Wilmink en Wiel Kusters aan prentenboeken op basis van gedichten. Vanaf 1990 is hij voornamelijk als politiek tekenaar werkzaam maar pakt dit jaar met ontzettend veel plezier de samenwerking met Wiel Kusters weer op.

    € 20,99
  6. Zonder palet
    1. Wiel Kusters

    Zonder palet

    € 19,99
  7. In opdracht
    1. Wiel Kusters

    In opdracht

    Achtenveertig kwatrijnen

    Ik lijk verloren als ik je niet vind. In dorre bladeren woelt en zoekt de wind, hij spreidt en jaagt bijeen, is even stil: ik hoor je adem tot hij weer begint. In het dichterschap van Wiel Kusters is na het verschijnen van zijn verzamelde gedichten (Leesjongen, Uitgeverij Cossee, 2017) een nieuwe en productieve fase aangebroken. Tot de resultaten daarvan behoort, naast een omvangrijke bundel langere gedichten waaraan nog gewerkt wordt, een reeks van achtenveertig kwatrijnen, die zich eind 2018 in korte tijd aan hem opdrongen. Zelf heeft hij het gevoel dat hij ze 'in opdracht' schreef. Maar in opdracht van wie?De reeks gaat over verlies. Over de afwezigheid van nabije mensen. Over een gemis dat bij vlagen misschien een beetje gecompenseerd kan worden door de 'ander' in jezelf en in je taal te herkennen. Die even vertrouwde als vreemde ander, met wie je je kunt confronteren, zodat je de illusie kunt koesteren van een korte ontmoeting. Zoals in het hierboven geciteerde kwatrijn, waar 'de wind' en 'je adem' verwisselbaar lijken, met een emotionerende verwarring als gevolg: hoor je de adem van de dode tot de wind opnieuw begint te waaien, of hoor je hem, die adem, als illusie, tot hij in werkelijkheid herbegint - hetgeen niet zal gebeuren?Kwatrijnen, vier regels per keer, niet meer, maar naar gevoelige en geduldige lezers zullen ervaren: dat is in deze poëzie toch ook zeer veel. Misschien kan de dichter ook voor wie hem langzaam leest en herleest een herkenbaar vreemde ander zijn.

    € 12,50
  8. De witte helm
    1. Wiel Kusters

    De witte helm

    September 1944. Geallieerde troepen rukken op in Zuid-Limburg. De nsb-burgemeester van Sittard slaat op de vlucht en zoekt met zijn gezin een heenkomen in Duitsland. Frans Welters, de zesjarige burgemeesterszoon wordt geconfronteerd met liquidaties, bombardementen en vooral veel angst en onrust. Hij ziet dingen die hij niet kan duiden, maar die hem nooit zullen loslaten. Beelden die hem tot een sociaal bewogen fotograaf zullen maken, steeds op zoek naar de overlevenden in een rampgebied, maar ook naar het niet-begrijpende kind dat hij was. Het kind met de witte helm, dat door de puinhopen van het verwoeste Duitsland liep. De witte helm. Een beeldverhaal bevat in feite een tweetal verhalen, een in woorden en een in foto's. We zien via de foto's hoe Frans Welters de wereld om hem heen bekijkt en we lezen daarnaast een indringend en persoonlijk verhaal over het leven van de fotograaf zelf, subtiel verwoord door dichter Wiel Kusters. De samenwerking tussen de dichter en de fotograaf leidde eerder tot het succesvolle Koempel, adieë, over de laatste werkdag, in december 1974, van de mijnwerkers in de Limburgse steenkolenmijnen.

    € 25,99
  9. Eikenhout en zinkviooltjes
    1. Jan Hanlo
    2. Willem K. Coumans

    Eikenhout en zinkviooltjes

    Jan Hanlo's brieven aan Willem K. Coumans, ingeleid en toegelicht door Wiel Kusters

    Jan Hanlo (1912-1969) was niet alleen een unieke dichter en prozaïst, die vijftig jaar na zijn dood nog steeds nieuwe lezers weet te winnen en wiens Verzamelde gedichten nog geregeld herdrukt worden, maar ook een groot en fervent brievenschrijver. Toen in 1989 bij Uitgeverij G.A. van Oorschot Hanlo's Brieven. Deel I en Deel II verschenen, ontbraken daarin de berichten en brieven die hij in de jaren vijftig en zestig richtte aan de tijdschriftredacteur (Galerie Zuid, De Bronk), dagbladjournalist en dichter Willem K. Coumans (1930-2006). In Eikenhout en zinkviooltjes zijn deze bijeengebracht door Wiel Kusters, die er een inleiding en toelichtingen bij schreef. In zijn correspondentie ging Jan Hanlo grote onderwerpen, zoals het probleem van goed en kwaad en de vrije wil, niet uit de weg. Maar ook kleine kwesties konden hem buitengewoon interesseren. De brieven die hij aan Coumans schreef, zijn niet gewijd aan grote filosofische kwesties, maar zijn daarom niet minder typisch 'Hanlo'. Zoals in de passages waarin hij schreef over zijn verhouding tot de Vijftigers of over een avond en een nacht carnaval vieren in Roermond en Venlo. Eikenhout en zinkviooltjes werpt ook licht op de vroege literaire activiteiten van de nu wat vergeten Willem K. Coumans, waarbij ook diens (en Hanlo's) vriendschap met de Roermondse kunstenaar René Wong en zijn vrouw Harjo Bastiaans ter sprake komt. Daarnaast dragen deze brieven bij aan onze kennis van het Limburgse culturele milieu, waarmee Jan Hanlo, die was opgegroeid in Deurne en Valkenburg, ook in zijn Amsterdamse jaren nauw verbonden bleef.

    € 17,50
  10. Het regent in de trompetten
    1. Pierre Kemp

    Het regent in de trompetten

    de mooiste gedichten van Pierre Kemp

    Een kleurrijker dichter dan Pierre Kemp (1886-1967) heeft Nederland niet gekend. Vanuit zijn Maastrichtse 'dichterkluisje' manoeuvreerde hij zijn vele kleurige, korte gedichten de Nederlandse dichtkunst binnen. Als bekroning van zijn hele werk werd Pierre Kemp in 1956 de Constantijn Huygens-prijs toegekend en in 1958 de P.C. Hooft-prijs. Lezers schreven hem dat zijn gedichten hen gelukkig maakten. En dat vermogen hebben ze. Alledaagse belevenissen van zeer uiteenlopende aard worden door de sterk zintuiglijk ingestelde en met een groot talent voor verwondering gezegende dichter tegen het licht gehouden. Er is ernst en humor in zijn spel van vragen stellen en betekenis suggereren, maar ook een beminnelijke melancholie die zelden zwaar wordt. Wiel Kusters en Ingrid Wijk stelden een nieuwe bloemlezing samen uit Kemps werk, dat geruime tijd niet meer leverbaar is geweest. Zij kozen voor een thematische ordening van de gedichten, waardoor dit boek, in overeenstemming met een oude wens van de dichter, tot een soort brevier voor het dagelijks leven kan worden. Er zijn gedichten over het verlangen, de vrouw, licht en kleuren, klank en muziek, planten en dieren, nacht en dromen, stad en land, ouderdom en dood, maar ook over kind zijn op latere leeftijd.

    € 20,00
  11. Leesjongen
    1. Wiel Kusters

    Leesjongen

    verzamelde gedichten 1975-2017

    Leesjongen (mijnbouw): jongen die bovengronds stenen raapt uit de via een transportband aangevoerde steenkoolbrokken. Van de vlak na de Tweede Wereldoorlog geboren dichtersgeneratie, die in de poëtisch en maatschappelijk gepolariseerde jaren '70 het woord nam, is Wiel Kusters een van de interessantste. Opgegroeid met het werk van klassieke vormvaste dichters, maar al gauw ook geïntrigeerd geraakt door de poëzie van de Vijftigers, ontwikkelde hij zich vanaf zijn debuut, in 1978 met de bundel Een oor aan de grond, tot een dichter die ernst én speelsheid kent, maar ook onontkoombare geheimzinnigheid, als een natuurlijk gegeven. Kusters werk is deels geworteld in de Limburgse mijnbouwregio, deels in het boeiende amalgaam van de culturen van Nederland, Frankrijk en Duitsland. De Neue Zürcher Zeitung noteerde naar aanleiding van een Duitstalige bloemlezing: 'Ein dichter von europäischem Rang.'

    € 25,99
  12. De onweerzitting
    1. Wiel Kusters

    De onweerzitting

    Tijdens een nachtelijk onweer in de jaren vijftig zitten de grootmoeder, de moeder en de jongen in de keuken, wachtend op het einde van wat voor beide vrouwen een boze droom is, voor de tienjarige jongen niet meer dan een vervelende onderbreking van zijn slaap. In de tijd die met donder en bliksem verstrijkt herbeleeft hij kleine maar betekenisvolle momenten uit zijn dagelijks leven. In hetzelfde kader plaatst Wiel Kusters in deze sobere dichterlijke vertelling een serie herinneringen van de moeder en de grootmoeder, gebaseerd op familieverhalen, die terugreiken tot in het laatste kwart van de negentiende eeuw. In het verhaal 'Lichtflitsen', dat als een soort naschrift bij 'De onweerzitting' functioneert, legt hij op liefdevolle wijze het beeld vast van zijn dementerende moeder, zoveel jaren later, in de jaren negentig. De onweerzitting speelt zich grotendeels af in het dorp dat ook het decor vormde van Kusters' succesvolle In en onder het dorp. Mijnwerkersleven in Limburg.De pers over De onweerzitting:Als God huist in het detail, dan is De onweerzitting van Wiel Kusters een gezegend boek. [...] De onweerzitting gaat over de teloorgang van traditionele gebruiken, rituelen en de bijbehorende handelingen, die Kusters als een verbaal archeoloog schitterend heeft vastgelegd, zonder de suggestie te wekken dat het vroeger allemaal beter was. Peter Henk Steenhuis in TrouwDeze terugblik op het ontwaken van poëtisch besef doet met regelmaat denken aan de manier waarop Eric de Kuyper zijn jeugdjaren heeft geboekstaafd in een reeks kleine boekjes.Arjan Peters in de VolkskrantIk moest af en toe aan Nescio denken.Janet Luis in NRC HandelsbladSpekholzerheide is nu definitief op de kaart. Kusters schrijft sociale geschiedenis zoals Vlaamse schrijvers als Leo Pleysier en Erik Vlaminck die schrijven.André Matthijsse in Haagsche Courant

    € 14,95